Colin uit Sri Lanka wil dienstbaar zijn voor landgenoten

Twaalf jaar geleden kwam Colin Rasanayagam naar Nederland. Gevlucht als Tamil uit het noorden van Sri Lanka. Zijn moeder was Jehova getuige, zijn vader katholiek. In Nederland kwam Colin tot een levend geloof in Jezus Christus.
Colin: “Een Nederlandse vrouw kwam iedere week naar het asielzoekerscentrum in Lunteren. Ze bezocht de asielzoekers en nam mensen mee naar haar huis. Ik was benieuwd en ging op een dag ook met haar mee. Bij haar thuis liet ze een film zien over het leven van Jezus. Het was een al wat oudere vriendelijke vrouw, haar Engels was niet zo goed, maar ik zag iets bijzonders bij haar dat ik niet herkende. Ik vroeg haar waarom ze steeds naar ons kwam en ons uitnodig-de. “Omdat Jezus Zijn bloed voor mij heeft gegeven”, was haar reactie. Dit raakte me diep. Ik
zag hoe anders zij was dan andere mensen die ik kende. Zij was zorgzaam en de liefde
straalde van haar gezicht af”.
Op het centrum had Colin contact met bekeerde Tamils. In die periode kwamen er veel asiel-zoekers uit Sri Lanka tot geloof. Colins uitgangspunt was dat als God zou bestaan, Hij zichzelf aan hem bekend moest maken. “Als ik iets over een ander land wil weten, moet ik iemand spreken die er is geweest, of zelf op reis gaan. Zo zag ik het ook met God. Of ik moest naar de hemel om Hem te ontmoeten, of Hij moest naar de aarde komen. Het probleem van de eerste mogelijkheid was dat ik niet heilig genoeg was om bij God te kunnen komen. De enige optie was dus dat Hij Zichzelf aan mij zou bekendmaken”.

Zoektocht

Colin ging op zoek bij de verschillende wereldreligies. In de islam zag hij dat er heilige mensen waren, maar dat Allah nooit zelf in menselijke gestalte naar de aarde is gekomen. In het boeddhisme is Boeddha een speciale prins, maar geen God. Het hindoeÔsme overtuigde hem
ook niet. God is daar een groot meervoud. “Hoe zou ik een god kunnen aanbidden die meerdere vrouwen heeft?” De boodschap van de Bijbel overtuigde Colin. “Hier zag ik God die mens werd, die in menselijke taal duidelijk maakte hoe we Hem kunnen kennen”. Hij bad tot God: “Jezus als u de enige God bent, laat dan Uw heerlijkheid zien”. Colin viel op de grond en moest huilen. “Ik voelde een verandering in mij. Ik vroeg of God mijn zonden wilde vergeven en of Hij mijn leven verder wilde leiden. Een groot verschil merkte hij daarna in het bijbellezen. “Vroeger waren dit voor mij verhalen, maar nu merkte ik dat God hierdoor persoonlijk tot mijn hart sprak”.

Problemen

De verandering bij Colin bleef voor de andere Sri Lankese asielzoekers niet onopgemerkt. “Volgens veel van hen waren alle religies aan elkaar gelijk, ik vertelde hen echter dat Jezus de enige Weg tot God is. Toen kwamen de problemen. Zij namen afstand van mij, omdat ik hen zou discrimineren”. Gelukkig was het contact met de christen-Tamils wel goed. Colin kreeg een status en verhuisde naar Almere. “Ik bad tot God of Hij mij wilde gebruiken in Zijn Koninkrijk. Een paar weken later kwam ik contact met een man die vertaling zocht voor een groepje Tamils waar hij bijbelstudie mee deed in Amsterdam”. Dit groei de uit tot zondagse samenkomsten waar Colin in voorging. In de hoogtijdagen kwamen er zeventig bezoekers. Een bijzondere tijd waarin vele Tamils tot geloof kwamen. De samenkomsten bestaan inmiddels niet meer. Veel Tamils trokken naar Canada of moesten terug naar Sri Lanka. Wat gebleven is, is Colins hart voor zijn landgenoten. “Ik wil ze graag net zo liefhebben, zoals God hen liefheeft. Mijn droom is om vanuit Nederland christenen in Sri Lanka te helpen. De meesten zijn erg arm, ik wil ze graag
kleding e.d. sturen”.

(Weergave, december 2004, Rien Bregman)