'Ik houd van iedere vluchteling'

Best mogelijk dat vluchtelingen misbruik maken van haar goedheid. Maar daar maalt Anette Hollander (41) niet om. "So what? Ik houd gewoon van deze mensen. Als ik hun verdriet zie en hun leed hoor, dan raakt me dat."

Op het erf van een boerderij, vlakbij het AZC in Luttelgeest, staat Anette goedlachs in de deuropening van House of Joy. Dit onderkomen is net geopend, het ruikt nog naar verf en vloerbedekking. Fraaie houten banken met vrolijk gekleurde kussens staan uitnodigend tegen de muur, tafels ervoor, de koffie pruttelt. Hier vinden allerlei activiteiten voor vluchtelingen plaats. "Op de vrouwenochtend zeiden we tegen de dames van het AZC: 'Nou vriendinnen, dit huis is van jullie,'" vertelt Anette enthousiast. "Je zag ze meteen rechtop zitten en ze maakten ijverig plannen om koffie te zetten en schoon te maken. Het is hun plekje, alsof ze even mogen thuiskomen. Een plaats waar ze gewaardeerd, gezien en geliefd worden."

 

Geen briefje uit de hemel

Met hart en ziel is Anette Hollander betrokken bij de vluchtelingen in deze omgeving (Emmeloord). Was ze vroeger anesthesie-assistent, nu werkt ze als vrijwilligerscoördinator voor stichting Gave. Wel even wat anders. "Ik hoorde een preek over de profeet HaggaÔ. God zei, via hem, tegen het volk: 'Jullie zijn bezig je eigen huizen te bouwen, maar mijn tempel ligt nog in puin.' Dat raakte mij. Ik dacht: 'Zoveel mensen die Hem nog niet kennen!' God riep mij om te bouwen aan Zijn Koninkrijk en ik zegde mijn baan op. Ik was al vrijwilliger op het AZC in Luttelgeest, en toen kwam er een vacature bij Gave. Ik kreeg geen briefje uit de hemel dat ik uitgerekend dit werk moest doen, maar God heeft het wel bevestigd door het te zegenen. Zo hebben we een forse groei van het aantal vrijwilligers meegemaakt, nu zo’n 175! Mensen uit diverse kerken gaan ervoor. Geweldig! Verder past het helemaal bij mijn gaven en talenten."

 

Waarom past het bij je?

"Ik kom uit een gezin van tien kinderen, opgegroeid op een boerderij bij Amersfoort. Ik heb positieve ouders, broers en zussen. Niemand zeurt of doet moeilijk. Ik heb een heel lieve man, twee schatten van kinderen en ik ben gezond. Wat een zegeningen! Wat moet ik ermee, behalve ervan genieten? Uitdelen! Vluchtelingen hebben liefde zo ongelofelijk hard nodig. En ik houd van iedereen! Dat klinkt heel simplistisch, maar ik zie in ieder mens wat goeds. Ook als ze niet vriendelijk zijn of misbruik maken van mijn goedheid."

 

Tweedehands kleding

Vooral het enorme verdriet raakt Anette. Zo- als nu bij de Syrische vluchtelingen. "De pijn, de moeite en zorg; ik lees het in hun ogen, zie het leed op hun gezichten getekend en hoor hun verhalen. Vooral Somalische vrouwen hebben mijn hart. SomaliŽrs vechten altijd hun ruzies uit, en iedereen zeurt over 'die Somaliërs'. Maar ik houd van hen. Soms willen ze alleen maar tweedehands kleding en uiteindelijk komt de vraag: 'Heb je een bijbel?' Dat is uniek. Onder SomaliŽrs kun je niets ongemerkt doen vanwege allerlei clans, er is veel controle. Het is ook een groep die niet in de kerk komt, want christenen zijn in hun ogen slecht. En dan mag ik, nota bene als 'vrouw van de kerk', helpen!"

 

Sommige verhalen klinken ongeloofwaardig...

"Maar dan blijft het verdriet. Ook de IND zegt soms bij een rechtszaak: 'Mevrouw, mijnheer, die feiten komen niet helemaal met elkaar overeen, dus het is een ongeloofwaardig relaas.' Dan denk ik: 'Je ziet hun gezicht toch?' Ze hebben ongetwijfeld allemaal moeten liegen om hun land uit te komen, maar ik geloof wat ze mij vertellen, totdat het tegendeel bewezen is. Daarbij bid ik om de gave van onderscheiding. Ik hoef niet bij elk verhaal te denken: 'Is het waar of niet waar?' Een Somalische vrouw zocht na een bomaanslag op straat tussen de lijken naar herkenbare familieleden. Dat verzin je niet. Zo hebben meer vluchtelingen de dood in de ogen gezien en familieleden zien sterven. Wat piep ik dan dat mijn haar of kleding niet goed zit?"

 

Hoe ben je tussen vluchtelingen verzeild geraakt?

"Negen jaar geleden stond ik bij de bushalte, waar een vrijwilliger van Gave mij vroeg om haar te vergezellen naar het AZC. Dat deed ik en een Iraanse vrouw vertelde me dat ze God had gebeden of Hij iemand wilde sturen om met haar mee te gaan naar de rechtbank. Ik zei: 'Ik ga met je mee.' Zo ontstond mijn betrokkenheid en nu ben ik blij dat ik iets voor hen kan betekenen! Vluchtelingen leven aan de rand van de samenleving. Ze zijn niet geliefd en worden niet gezien. Zo hoorde ik bijvoorbeeld dat asielzoekers, omdat ze vijf minuten te laat waren, niet meer op hun afspraak mochten verschijnen. Bij een volgende afspraak waren ze een half uur eerder aanwezig en moesten ze een uur wachten voordat ze werden geholpen! Als ik verhalen hoor van vluchtelingen die mensonwaardig worden behandeld, word ik laaiend. Des te meer willen we als vrijwilligers deze boodschap aan hen meegeven: je bent een persoon, een schepsel van God. Jij bent net zo belangrijk als ieder ander."

Bidden op een matje

Hoe laat Anette die boodschap concreet zien? "Door te luisteren, een knuffel te geven of praktische hulp te bieden, bijvoorbeeld door te helpen verhuizen naar een ander AZC. We organiseren diverse activiteiten die nu in House of Joy kunnen plaatsvinden, zoals een meidenmiddag, vrouwenochtend, bijbelstudies, kinderclub. Ook brengt God me op het juiste moment op de juiste plaats. Zo bracht ik eens uitnodigingen rond op het AZC en een kamergenoot van een Somalische vrouw deed open. Ik zag haar bidden op een matje. Ze zei: 'Anette, ik bid tot God, want ik heb een auto nodig en jij komt. Je bent een engel van God.' Ik had helemaal geen tijd, maar bracht haar toch naar haar afspraak. Dat kon ik toch niet weigeren? Of ik neem mensen van de bushalte mee en raak met hen in gesprek. God leidt mij!"

 

Vluchtelingen zijn een zegen voor de kerken, hoor je vaak.

"Ja, dat is beslist zo. Vooral onder IraniŽrs en Afghanen komen veel mensen tot geloof, in hun eigen land of hier. Ze hebben, wellicht door de verdrukking in hun land, een enorme honger naar blijvende, innerlijke vrede. Het is verrijkend om te zien dat God werkt onder alle volken; Hij is zoveel groter dan ons eigen kerkje, met onze tradities waar we zo heel graag aan vast willen houden totdat we vastgeroest zijn. Je leert God op een andere manier kennen. Ik ga wel eens naar de Iraanse diensten in Zwolle. Daar zie ik dat mensen worden bevrijd en genezen. Ik vroeg eens: 'Hebben jullie zulke diensten ook in Iran?' Dat was zo en ik gaf aan dat ik dat niet kende in mijn kerk. Toen zei een Iraanse vrouw: 'Bidden jullie dan wel om de zalving van de Heilige Geest?' Zij gaf onderwijs aan mij! Ik geloof dat God grote dingen doet en gaat doen in ons midden; te midden van alle christenen uit binnen- en buitenland samen. Meer dan wij kunnen bedenken en bidden."


Tekst:  Monique Boom
Beeld: Eljee
Bron:   Visie 2013, nr. 50