“Niet helpen, maar dienen”

Bij Gave geloven we dat vluchtelingen een aanwinst zijn voor de kerk. Dat kerken vluchtelingen veel te bieden hebben. Maar de praktijk is weerbarstig. “Toch kan iedere kerk een gastvrije gemeenschap voor vluchtelingen zijn,” zegt Jurjen ten Brinke. Hij is voorganger in Hoop voor Noord, een interculturele gemeente in Amsterdam en werkte daarvoor jarenlang bij Gave.


De kerk voor vluchtelingen: het beste in hen naar boven halen

George bezoekt sinds enkele maanden met zijn gezin een gereformeerde kerk in Haarlem, een gastvrije gemeente. Toch kan George, afkomstig uit de Syrisch Orthodoxe kerk, maar niet wennen. Hij begrijpt de preek niet, vindt de muziek niet mooi en vooral: Hij wil vaker contact dan alleen op zondag.

Ten Brinke herkent het verhaal van George. “Met pijn in mijn hart moet ik zeggen dat we vluchtelingen niet kunnen bieden wat ze ten diepste nodig hebben. We kunnen nooit de familiaire gemeenschap voor hen zijn die zij hebben achter gelaten. Een IraniŽr die alle activiteiten in een kerk bezoekt, is misschien drie avonden per week onder de pannen. Dat is voor hem niet genoeg. Dan is hij nog vier avonden alleen.”

Vriendschap
Wat de kerk wel kan geven, is vriendschap. “Het beste wat je kunt doen, is hen thuis uitnodigen en duidelijk zijn over je grenzen. Zelf vraag ik vaak vluchtelingen om mee te eten en maak dan een afspraak om half acht. Als ik vertrek naar mijn afspraak, doet onze gast ook automatisch z’n jas aan. Ook mŪjn cultuur mag er zijn.” In vriendschappen met vluchtelingen is het bovendien belangrijk om te doen wat je belooft. “Vooral vluchtelingen die hier wat langer zijn waarderen onze open en directe houding enorm. Maar dan moeten we wel zorgen dat we betrouwbaar zijn in dat ene contact.”

Dienen
Veel kerken zijn druk met vluchtelingen. Kleding, fietsen, er wordt van alles ingezameld. En dat is prima, zegt Jurjen ten Brinke. “Toch wordt het tijd dat kerken uit de sfeer van het helpen komen. Als wij die omslag maken, ontstaat er een andere dynamiek. Voor je staat geen arme sloeber, maar een mens, een schepsel van God, die je tot z’n doel mag laten komen. Jezus kwam niet om te helpen, maar om te dienen. We moeten de rollen durven omdraaien. Als ik weet dat Mohammad veel sport, kan ik vragen of ik een keer met hem mee mag naar de sportschool. En ik vraag Iraanse vrouwen om een buffet te verzorgen voor de classisvergadering. Dan waardeer ik hun talent en kracht. Het beste wat je voor vluchtelingen kunt doen, is het goede in hen naar boven halen. Je dient hen door hen jou te laten dienen.”

Vluchtelingen voor de kerk: danken en delen

De meeste vluchtelingen geloven al. Ze komen uit een moslimcultuur, waar geloof bij het alledaagse leven hoort. Dat maakt het makkelijk om over God in gesprek te gaan. “Alleen daarom gun ik iedereen contact met vluchtelingen,” zegt Jurjen ten Brinke

Puur geloof
“Zij delen vanzelf hun huis, hun eten, hun leven met je. Zij denken van nature inclusief. Van vluchtelingen heb ik gastvrijheid geleerd. Maar ook wat puur geloof is. Dat verrast me steeds weer. Ik had een baantje gevonden voor een Iraanse jongen. Hij vertelde me dat hij God op z’n knieŽn had gedankt. Dat vond ik al heel wat, in een moslimgezin. Maar voor hem was het niet genoeg. Hij had een brood uit de vriezer gehaald, en dat vanaf z’n balkon aan de meeuwen gevoerd om God te danken. Dat geeft me te denken. Wanneer heb ik voor het laatst God gedankt op zo’n manier?”

Terug naar de kern
“Jaren geleden leidde ik een jongerenkamp van Gave. Er kwam een meisje naar me toe, een derdejaars student theologie. Ik wil Gave bedanken, zei ze. Ik heb in deze week meer geleerd dan in drie jaar theologie. Ze kreeg zoveel vragen op zich af van deelnemers. Vanuit haar persoonlijke overtuiging moest ze gaan uitleggen waar ze voor stond. De meest belangrijke geloofslessen in mijn leven, heb ik geleerd van vluchtelingen. Bijvoorbeeld dat ik mijn christenzijn, mijn geloof, niet hoef te bewijzen met al het goede dat ik doe. Zelfs levensheiliging is genade van God. Met alle respect voor de dominees onder ons, mijzelf inbegrepen, maar dit leer je niet vanaf de preekstoel. Dit moet je ervaren in contact met anderen. Ze dwingen je om stil te staan bij wat je nu eigenlijk gelooft.”

En George? Hij is gevraagd om op Eerste Kerstdag met zijn vrouw een kerstmaaltijd te organiseren in de kerk. Zijn zoon gaat, samen met jongeren uit de gemeente, de muziek verzorgen. 

Tekst: Jacomine Oosterhoff
Foto: Dick Vos

Uit: Weergave, december 2016