Vaderloze Mpia: ”God is goed’’

Door een prachtig herfstbos rijd ik naar het asielzoekerscentrum (AZC) in Leersum. Ik ontmoet daar Mpia (19 jaar) en haar familie uit Congo. Dit gezin heeft iets waar ik me elke keer weer over verbaas. Hun gezichten stralen. Er ligt een blijde glans over deze mensen. Wanneer ze over God spreken lijkt het of ze bijna uit elkaar barsten van vreugde. Hoe kan dit? Waar komt dit vandaan?
Wanneer ik naar de feiten kijk, zie ik alleen ellende: Gevlucht uit Congo, vader verloren en wonen in een AZC. Mpia en haar zus Bo vertellen me wat hen drijft. Ik kom er al snel achter dat ondanks wat er ook gebeurd is, en gebeuren zal in hun leven, ze vast vertrouwen dat God het beste met hen voor heeft, ook al is dat anders dan wat ze zelf zouden willen.

In Congo toen Mpia en Bo nog klein waren, ging hun vader op bezoek bij kennissen die God niet kenden. Hij vertelde hen over over God, Jezus en Zijn liefde. Mpia en Bo deden later die gesprekken na als ze op hun slaapkamer waren. Ze pakten de Bijbel erbij en vertelden aan elkaar hoe groot God was. Ze deden net of ze het zelf konden lezen, maar waren daar nog veel te jong voor. ”Toen wisten we het al”, zegt Mpia, ”God is liefde, ik voelde het gewoon.” Later vertrok het gezin naar Duitsland, daar verloren ze hun vader. Mpia:”Ik was verdrietig, heel verdrietig, huilde veel en zocht naar een antwoord van God op mijn waaroms. En toen kwam daar Gods stem: ”Kindje niet meer huilen, Ik zal altijd bij je zijn!” Sinds die tijd is mijn geloof alleen nog maar dieper geworden.” Bo vertelt: ”God heeft onze vader bij ons weg gehaald, omdat onze vader voor ons de plaats van God had ingenomen. Onze vader deed alles voor ons, we hadden een goed leven; mooi huis, twee auto's en we dankten onze vader daar voor. We dachten dat we niet zonder hem konden leven. Toen kwam God er tussen en liet ons zien dat Hij onze Hemelse Vader was. God is een jaloers God, we aanbaden de verkeerde vader.”

Bijbellezen

Vanuit Duitsland vertrok het gezin naar Nederland. Hun situatie is er niet beter op geworden. Geen auto meer, geen eigen huis en net genoeg geld om te kunnen eten. Mpia vertelt: ”Ik ben gek op nieuwe kleren en nagellak, maar als ik 's zondags naar de kerk ga, dan weet ik dat ik mijn tienden moet geven. Dat vraagt God, ik weet dat dit het beste is, dus doe ik het gewoon. Ik vertrouw op God, Hij zorgt voor mij. We moeten diep gaan, veel de Bijbel lezen, want daar staan alle antwoorden voor het leven in. Soms als ik mijn ogen dicht doe, dan zie ik een licht, het licht van God, oei… dat voel ik me warm en goed en vredig. Dat is de Heilige Geest! En die moet ik voeden. Kijk, ik kan elke dag wel eten voor mijn lichaam, maar in de Bijbel staat dat onze ziel veel belangrijker is dus die moet ik ook voeden. Dan ga ik vasten, bijbellezen en bidden, zodat mijn ziel gevoed wordt met de Heilige Geest. Zo krijg ik kracht van God.”
Als ik later die avond terug loop naar mijn auto, hoor ik vanuit een van de ramen van het AZC, een Franstalig lied: ”Dieu es bon, Dieu es bon pour moi” (God is goed, God is goed voor mij). Mpia, Bo, en anderen van hun gezin, en nog veel meer Afrikaanse christenen zijn bij elkaar gekomen om samen te bidden en te zingen voor God.

(Weergave, december 2005, Irna Ligtenberg)