Van asielzoekster tot evangeliste

Tamara vluchtte met een hart vol trauma's vanuit GeorgiŽ naar Nederland. In haar land was ze lichamelijk en emotioneel zwaar mishandeld; voor de Nederlandse overheid geen reden om haar een status te geven. Ze stond voor de keuze: in de illegaliteit verdwijnen of terug naar haar land waar ze als ex-asielzoekster niet meer geaccepteerd zou worden door haar omgeving. Gelukkig stond ze er niet alleen voor.
Tijdens haar verblijf in Nederland nam een gezin uit Goor haar op in hun gezin. Daar vond ze bescherming en ervoer ze de liefde die Christus’ aan Zijn volgelingen geeft. In de baptisten-gemeente werd ze van naamchristen een eenvoudige pure christin, die geloofde als een kind. De gemeente organiseerde een bidstond. “Heer, als U wilt dat Tamara terug moet naar haar land, wilt U dan voor haar zorgen?” Tamara moest terug en ging op de kracht van het gebed. Ze vertrok naar het land waar ze opgegroeid was, nu met een roeping om haar volk de liefde van Jezus te laten zien.

Taalcursus

De gemeente bad voor Tamara, maar hoorde lange tijd niets van haar. Niemand wist hoe haar terugkeer was verlopen en of ze nog leefde. Eindelijk liet Tamara wat van zich horen. Ze zat in de problemen. Een baan was voor haar als teruggekeerde asielzoekster niet te vinden. Ook haar familie kon Tamara niet onderhouden. Alleen bij buitenlandse bedrijven zou ze terecht kunnen, maar daarvoor moest ze Engels spreken. De gemeente in Goor ging in gebed. Met elkaar kregen ze genoeg geld bij elkaar om Tamara een taalcursus en tevens een bijbelschool te kunnen aanbieden. Betaald werk heeft Tamara er niet door gekregen. God had met haar een ander plan. Ze kwam in contact met een baptistengemeente in GeorgiŽ en maakte contact met een Amerikaanse zendingsorganisatie, waar haar Engels goed van pas kwam. Nu vult Tamara haar tijd als een discipel van Jezus. Een discipel in een land waar de armoede een normaal verchijnsel is. Een land waar de Georgische Orthodoxe kerk er alles aan doet om het gemeenteleven van o.a. baptistengemeenten onmogelijk te maken. In deze omgeving organiseert Tamara kinderkampen, bezoekt ze weeshuizen en vertelt de kinderen over de Heere Jezus, helpt bij verstrekking van medicijnen en organiseert ze geregeld een gaarkeuken...

Zegen

Achter haar staat de baptistengemeente van Goor die de transporten van medicijnen, voedsel en bijbels (kinder)materiaal naar GeorgiŽ verzorgd. Het gebeurt dat de voorraad voor het hulptransport klaar is, maar vervoer richting GeorgiŽ nog ontbreekt. “Heer wilt U voorzien”, bidden de gemeenteleden in zo'n situatie. Vaak is de volgende dag een vrachtwagen geregeld. Ook hierin laat God zien dat Hij voor Tamara zorgt. Voor de baptistengemeente is het komen en gaan van Tamara gezegend. Irene Voskamp, vriendin van Tamara en gemeentelid in Goor is er vol van. “God is zo goed. Hij heeft Tamara volkomen in de vrijheid gesteld. Ze heeft de meest afschuwelijke dingen meegemaakt en had alle reden om anderen te haten. Toch heeft ze de daders vergeven, “omdat Jezus ook mij vergeven heeft”, vertelde ze. Het is mijn wens dat ze nog eens naar Nederland komt, om hier te getuigen van het werk dat ze in haar land mag doen. Het was voor ons onvoorstelbaar dat ze geen status kreeg en terug moest, maar we zagen de hand van onze Heiland. Tamara's verblijf in Nederland was een opstapje om als evangelist in haar eigen land te mogen werken. God heeft haar harder nodig in GeorgiŽ”.

(Weergave, September 2001)