Murad Bero: van vluchten naar vieren
Kun je nog tot bloei komen en het leven vieren als je alles hebt moeten achterlaten? Voormalig operationeel directeur van Gave (2023-2025) Murad Bero is zelf vluchteling geweest en vertelt over zijn persoonlijke ervaringen en motivatie voor het werk bij Gave.
“In het huidige politieke klimaat valt er voor een vluchteling weinig te vieren. Maar tegelijkertijd is Nederland ook een veilig land, waar we geen angst hoeven te hebben dat er een bom zal vallen. Dit in tegenstelling tot mijn achtergebleven familie. Zij leven in oorlog en hun dagelijkse zorg is: hoe komen we aan eten? Verder kijken kunnen ze niet. Je weet immers niet of je er morgen nog bent. Steeds vaker besef ik me, dat het voor mij ook anders had kunnen lopen. Soms meer dan me lief is.
“Steeds vaker besef ik me, dat het voor mij ook anders had kunnen lopen. Soms meer dan me lief is.”
Onze start in Nederland, dertig jaar geleden, was niet gemakkelijk. In het azc hadden we geen school of taalles. De enige Nederlanders die we kenden, waren de azc-medewerkers. Op mijn elfde ging ik voor het eerst naar school. Ik snapte niets van taal en rekenen. Het was voor mij allemaal abracadabra. Of: gamala gamala, zoals mijn vader dat noemde.
Warm onthaal
Toen we een huis kregen, werden we warm onthaald door lieve buren. Zij hielpen ons enorm en leerden ons meedoen in de Nederlandse maatschappij. Ze lieten ons ook kennismaken met de cultuur, zoals pakjesavond waarbij een buurman een zak met cadeautjes voor onze deur neerzette.
Door andere buren werden we uitgenodigd voor hun kerkdienst. Dit was een protestantse kerk, waar wij als katholieken weinig herkenning vonden. Ook begrepen we weinig van de preek, omdat we de taal nog niet machtig waren. Toen we een keer op bezoek gingen bij de ICF (International Christian Fellowship, red.), voelden mijn vrouw en ik ons daar meteen thuis: allemaal mensen uit alle hoeken van de wereld die samen als één familie waren. Het was alsof de hemel openging!
Over cultuurgrenzen heen
Door vallen en opstaan heb ik de Nederlandse cultuur steeds beter leren kennen. Om me aan te passen, moest ik soms wel over mijn eigen cultuurgrenzen heengaan. Een Arabisch spreekwoord zegt: Voor het bereiken van een doel, kus je een hond zelfs op zijn smoel. Dan ga je echt ver, want Arabieren en honden gaan niet goed samen. We moesten soms behoorlijk buiten onze comfortzone stappen. Maar ik voel me inmiddels Nederlander, hoewel Arabieren me nog steeds Arabisch vinden.
Murad gedurende zijn tijd bij Gave:
”Vanaf 2023 werk ik bij Gave, omdat ik heb ondervonden hoe belangrijk het is dat vluchtelingen zich gezien en geliefd voelen in een land waar ze de weg niet kennen. Door een warm welkom en te helpen met het leren kennen van de taal en cultuur, krijgen vluchtelingen de kans om het leven weer te vieren. Je ergens thuis voelen is nodig om te kunnen landen en weer tot bloei te komen.
Bij Gave werken mooie mensen met een hart voor de missie. Samen zetten we de schouders eronder en helpen elkaar waar nodig. Elke ochtend nemen we tijd voor gebed en persoonlijk contact. Zo sterken we elkaar om vluchtelingen te laten weten dat ze gezien en geliefd zijn.”
Tekst: Anna Klappe | Beeld: Niek Stam
Gepubliceerd in Weergave 30-jarig jubileum, maart 2025